Tuesday, February 14, 2017

Mwanga nani

Mwanga nani. Good morning. Mamuka sei? Did you wake up fine? Tamuka, mamukavo? I woke up fine if you woke up fine. Tijd voor een update. We leven ons leven hier in Silveira, Zimbabwe. Sinds het vertrek van onze Nederlands-Zwitserse vrienden Willemijn en David en hun twee kinderen Bram en Anna, zijn we meer aangewezen op onszelf. Het was heel fijn om op een uur rijden afstand goed contact te hebben, en de gezamenlijke school op vrijdag en de vriendschap tussen de kinderen waren elke week een feest. Door hun vertrek richten we onze blik meer lokaal, maar ook meer op Harare, de hoofdstad op vier-vijf uur rijden afstand. Zo zijn we voor Merlijn’s 6e verjaardag naar Harare gereden, door de stromende regen, de gaten in het wegdek die soms lijken op kraters ontwijkend. Met vijf kindjes van de Nederlandse Ha-Rare School en hun moeders Carola en Noor zijn we naar een heuse binnenspeeltuin geweest. Waar we in Nederland eerder een speurtocht in het bos zouden doen, lokt nu het stadse leven en de mogelijkheden die daarbij horen. Merlijn wilde eigenlijk schaatsen op de binnen schaatsbaan – het is echt waar, dat kan in Harare – maar gezien het gebrek alom aan ervaring, zijn we voor “Tamba Tamba” speeltuin gegaan. Het was ronduit geweldig, we hebben allemaal genoten. De daaropvolgende week lag iedereen er een beetje vanaf van vermoeidheid, maar goed, dat is de prijs van ruraal Afrikaans leven. Lokaal merk ik dat we wat meer ingeburgerd raken. Floris is momenteel bezig om alle health centers te bezoeken om trainingen te geven over foetale hartslag monitoring. Hij ziet daardoor veel mooie maar ook ellendige dingen. Met de regen is de malaria gekomen. Vorige week heeft Floris een dame meegenomen naar het ziekenhuis vanuit de health center, omdat er daar geen medicijnen meer voorradig waren voor haar behandeling. Omdat de familie geen geld had, konden ze eigenlijk nergens heen, en Floris kon het niet over z’n hart verkrijgen om een moeder van drie jonge kinderen zo achter te laten. Inmiddels knapt ze op, na 2 zakken bloed, die 120$ per stuk bleken te kosten. Daardoor worden we zelf ook met onze neus op de feiten gedrukt dat zorg onbereikbaar is voor de meeste mensen. De barrières waar ik over schrijf in mijn proefschrift voor het gebruik van een Maternity Waiting Home (MWH) zoals we die zijn gestart in Ethiopië, zijn ook hier dagelijks aan de orde. Door de falende overheid gaat het hier van kwaad tot erger. Het merendeel van de vrouwen beviel in een health center of ziekenhuis, maar die aantallen nemen drastisch af door de “user fees” van $50 om in het MWH te verblijven. Ik werk vanuit een kantoortje in het ziekenhuis aan mijn proefschrift. Inhoudelijk vind ik het super interessant en voel ik me bevoorrecht dat ik dit mag doen, maar af en toe is het taai en saai. Ik mis de dynamiek van project coördinatie of het doen van veldonderzoek, en hoop op termijn die actie weer te integreren in mijn werk. Voor nu is het goed zo. Ik ben minder streng voor mezelf geworden door te werken zolang het gaat, en vanaf 15 uur en op woensdagmiddag ben ik met de kinderen. Na maanden geen televisie gehad te hebben keken we eergisteren voor het eerst naar De Wereld Draait Door (blijft bizar vanuit Zimbabwe) en dan verstaan we sommige mensen gewoon niet omdat ze zo snel praten. Dan merk ik hoe prettig ik het vind om niet dat gehaaste leven te leiden met drie kleine kinderen, met halen-brengen, etc. Vanmiddag gaan we de kleiwerkjes schilderen die de kinderen hebben gemaakt voor Juf Romy uit Ridderkerk, die ons al meerdere malen heeft verrast met pakketten voor de kinderen met knutselmaterialen, boekjes, etc. De kinderen zijn met juf Christina en onze buurvrouw Ms. Chipo klei gaan halen bij de rivier. Na het kleien en drogen heeft Ms. Chipo de creaties gebakken in een kuilvuur, en nu gaan we ze beschilderen. Van dat soort momenten kan ik enorm genieten en ben ik blij dat onze kinderen (en ik) die meekrijgen. Lieve groet, Tienke PS. We hebben een opvolgster gevonden voor juf Christina. Vanaf eind maart tot begin augustus komt Nicole naar Het Kippenhok. Het zal jammer zijn om Christina gedag te moeten zeggen, maar we zijn blij dat Nicole deze kant op komt!

Wednesday, June 8, 2016

(N)iets noemenswaardigs te melden

… En zo gingen er maanden voorbij zonder dat er iets noemenswaardigs te melden viel…

Tot ongeveer een maand geleden was ons leventje best rustig. We hadden een lekker ritme gevonden en het voelde meer als wonen en minder als avontuur of overleven. Toch is (ons) leven in Afrika altijd wat onrustig.

Eerst het rustige deel:

De kinderen gaan elke dag naar ons eigen schooltje Het Kippenhok. We zijn blij om te kunnen melden dat we een opvolgster hebben gevonden voor juf Zarah. Haar naam is Christina en het is de bedoeling dat ze Zarah opvolgt in september, na ongeveer een maand “grote vakantie”. Zo heb ik de ruimte om 20-24 uur per week te werken aan mijn onderzoek. Tijdens mijn bezoek aan Groningen in maart heb ik samen met mijn begeleider de knoop doorgehakt om een PhD traject te gaan doen en sinds 1 juni ben ik daar officieel mee gestart. Wie had dat ooit gedacht?! Ik hoop binnenkort mijn eerste manuscript ter publicatie aan te bieden.

Floris is druk bezig om vorm te geven aan zijn baan. Vanaf de zijlijn is het leuk om te zien hoe hij een weg vindt als projectmanager. Hij bouwt een mooi project op met als doel om de moeder & kindzorg te verbeteren in 2 regio’s: Bikita (wij wonen in dit district) en Zaga. Daar zijn 6 ziekenhuizen en 42 health centers, dus hij maakt veel kilometers. Een aantal projecten die hij opzet samen met de lokale instanties zijn: a) opknappen van de health centers, b) opstarten van foetale monitoring bij de health centers, c) trainen van verloskundigen op het gebied van echo’s en monitoring, c) “supportive supervision” aan health centers en ziekenhuizen. Het komt erop neer dat de Zimbabwaanse overheid een degelijk plan heeft om goede zorg te bieden maar te weinig geld heeft om alles uit te voeren. Solidarmed financiert en begeleidt een deel van de geplande activiteiten.

Dan het onrustige deel:

Dit jaar is bijzonder moeilijk voor de mensen hier. De regen kwam later en in mindere hoeveelheden dan normaal. De oogsten zijn mislukt doordat iedereen plant als de eerste regens vallen. Daarna viel er maanden niks meer. Een deel van de bevolking krijgt nu voedselhulp. Toen we na de meivakantie terugkwamen uit Zuid-Afrika konden we niet meer pinnen. Er is een geldtekort in Zimbabwe, wat sinds 2009 de Amerikaanse dollar gebruikt. Het heeft verschillende redenen te hebben maar de voornaamste zijn dat er meer wordt geïmporteerd dan geëxporteerd en dat de mensen geen vertrouwen hebben in het bankwezen. Zie http://www.bbc.com/news/world-africa-36210680 voor meer achtergrond. Gelukkig kunnen we pinnen in de supermarkt, maar men vreest dat die leegraken.

Verder is er wat onrust in ons ritme doordat Merlijn begonnen is op de lokale school. De kinderen van onze tuinman spelen een keer per week hier en met Bram en Anna hebben ze elke vrijdag school, maar we hopen dat hij meer vriendjes kan maken op de lokale school. Hij gaat er ’s ochtends samen met juf Zarah naar toe en we hopen dat hij langzaam gaat wennen. De sfeer is er best ok, maar het is wel heel anders dan wij gewend zijn. Voor Merlijn is het lastig dat de kindjes geen Engels spreken, maar hopelijk leert hij wat Shona.

Tot slot...

Vorig weekend droomde ik dat ik bij ons in de “township” (een rijtje huizen met wat winkeltjes) kwam en dat er om de hoek een Hema zat, waar ik een goede vriendin tegenkwam. Vervolgens kwam ik buiten en bleken er opeens een internationale kleuterschool te zitten. :-)) Dat vat in een notendop samen wat ik mis in Silveira!